WELCOME TO INVALUABLE
Be the first to know about
the latest online auctions.
Please enter a valid email address (name@host.com)
Sign Up »
PS: We value your privacy
Thank you!
 
 
Want to learn more
about online auctions?
Take a Quick Tour »
 
Invaluable cannot guarantee the accuracy of translations through Google Translate and disclaims any responsibility for inaccurate translations.
Show translation options

Lot 43: De hilarische briefwisseling tussen Gerard Reve en Boudewijn Büch

BOUDEWIJN BÜCH BIOGRAFIE BENEFIETVEILING

by Adams Amsterdam Auctions

December 14, 2014

Amsterdam, Noord Holland, Netherlands

Live Auction
Sold
Looking for the realized and estimated price?

Description: - BüCH, Boudewijn - Gerard Reve, de briefwisseling.De collectie omvat:
16 handgeschreven (waarvan een in fotokopie (al bij verzending)) en gesigneerde brieven van Gerard Reve op 25 bladen A4 en 1 prentbriefkaart, alsook 3 handgeschreven brieven van Joop Schafthuizen. Met alle enveloppen en met diverse bijlagen waaronder een foto van Mick Jagger met handgeschreven opdracht (handschrift Jagger is van Joop Schafthuizen), ansichtkaarten van Kevelaer en La Graçe en Le Verbe. In speciale overslagdoos
7 getypte en gesigneerde brieven van Boudewijn Büch op 18 bladen A4 en 1 ansichtkaart. Alle brieven van Büch bevatten aan de achterzijde het stempel van de verzameling van een van de eerste en meest gepassioneerde collectioneurs van Büchiana. Bijgevoegd is een "mislukt" gedicht, ongepubliceerd en geschreven tijdens de jaarwisseling 78/79.

links en recht kocht ik manuscripten van Gerard Reve. Duur! Totdat de Meester opeens met mij gaat corresponderen en de brieven gratis en origineel binnenvallen (geciteerd uit Optima II (1984) - 4, p.304).


Op 2 november 1981 schrijft Boudewijn Büch - naar eigen zeggen - "een jongeman zonder kraak en smaak" - zijn eerste brief aan Gerard Reve, de schrijver die hem "vroeger met zijn schamele centjes deed spoeden naar boekhandel De Wit in Wassenaar". Hij heft aan met: "Hooggeschatte Meester, Beste Markies" en opent met de zin: "Aan dat gelul heeft U ook niets". De brief behelst een verzoek aan Reve om verzen af te staan voor de uitgave op de Sub Signo Libelli-pers van meesterdrukker Ger Kleis, die veel van Boudewijn's bibliofiele werk gedrukt heeft. De hele brief, vanaf de uitgebreide inleiding tot het gepassioneerde slot, ademen de geest van de Romantiek:

Oh! De komende weken wacht ik aan mijn brievenbus ... verlang naar dat pakketje ... jaag in huurrijtuigen naar de drukker ... Maar nee ... Uw dichterschap & anders zwijgt

Ik zal moeten omzien naar een betrekking in de zelfmoord, en wellicht zal men mij nog eens noemen in een Belgisch lexicon

Reves antwoord krijgt een geheel andere aanhef: "Lief, Geil Beest" en valt dan ook in andere opzichten flink met de deur in huis:

Die zelfmoord van je, daarvoor gevoel ik veel, maar dan: wij samen. In mijn geval is het een mooie, tragiese afsluiting, en jij bent voorgoed in de literatuur opgenomen

Het zijn de eerste brieven van een even bizarre als schitterende correspondentie die zich met een pauze van 21 maanden - tijdens de breuk als gevolg van het beruchte interview in Het Parool - over een kleine vijf jaar uitstrekt. Van de rolverdeling waar Büch op inzet, Meester Reve en Knecht Boudewijn, blijft al snel weinig over. Zoals te verwachten, verstrekt Reve zijn jongere collega ongevraagd adviezen van uiteenlopende aard:

Je moet wel je haar laten knippen, en die kop van je eens goed wassen. Denk je nu echt, dat zulk een schoongewassen, lief blond katertje van elf met zulk een pianostemmerspruik naar bed gaat?

Dat reizen om ergens een deeltje van toen te ontdekken, dat is toch tijdverspillen? U bent toch schrijver, en geen bibliothecaris? Het gaat in het leven om geheel andere deeltjes. [...]. Je moet je geheel voor de kunst vrij maken en al die oude boeken laten veilen


Maar als snel geeft Reve zich volledig over aan ongeremde Reviaanse adoratie van zijn jongere collega:

Sinds ik u persoonlijk ontmoette, is het met mijn rust gedaan. Een hele nacht heb ik slapeloos liggen woelen, met het beeld van Uw gouden jongenslichaam voor mijn te vergeefs geloken ogen

En als Büch voortgaat met hem 'Majesteit' te noemen, heet het:

U behoeft niet aan mij met Uwe Majesteit te refereren, ik ben slechts van lage adel - Markies - dus Uwe Genade is reeds voldoende

Pas na veel omhaal van grappen en grollen spreekt Reve over het werk van Boudewijn Büch:

Je jongste nieuwe boek is stellig een grote stap voorwaarts, maar ik heb het nog steeds niet kunnen lezen

De lucht is hier schoon en verkwikkend. Het is altijd fraai weder. Er zijn veel buitenlandse dieren. We hebben prachtige grammofoonplaten met oude zowel als eigentijdse muziekliederen. Tamme vogels komen langs om elders medegenomen sieraden aan ons af te geven, in ruil voor vers voedsel. Neen, als men hier niet gelukkig is ligt het aan de patient

Op de boot hierheen las ik Uw veel gelezen roman
De Blauwe Salon, ik schrijf reeds geruime tijd (35 jaar) heb een bepaalde bekwaamheid in het vak verworven en kan U misschien met mijn ekspertise van dienst zijn, maar eerst wil ik vaststellen dat U de taal beheerst en daarmede, naar het mij wil voorkomen, alles kunt uitdrukken wat U wilt zeggen, dat is in Nederland al heel wat

Mijn gehele lichaam [staat] in lichterlaaie als ik iets van U lees. Het is een soort bedwelmende en toch opwekkende muziek, arcadies en tegelijkertijd satyries. U heeft vast veel gelezen, ik heel weinig

Je boek over je jeugd in Wassenaar lees ik telkens opnieuw, jij wordt een grote schrijver als je het niet reeds bent! Ik wil de fakkel aan jou doorgeven*. Durf jij hem vast te houden? In ruil voor bepaalde diensten zal ik je beroemd maken. Het is het laatste wat ik nog kan doen

Na de Grote Verzoening die plaats vindt tijdens de presentatie van De Stille Vriend, gaat Reve gewoon op de oude voet verder:

Ik las bovendien ergens dat het zeer goed met je ging. Nu, dat behoort mijns inziens ook zo te zijn: zó jong nog, zó begaafd, en met zulke een voorkomen en gestalte! [...] Niemand heeft je toch kwaad gedaan, of je aan je lichaam, bijvoorbeeld dat prachtige gelaat, op martelijke wijze pijn berokkend. Toch ook niet aan bepaalde andere delen? Schrijf je of dicht je nog weleens? Je publiceert zeker niet meer in Het Parool? Een dom trutblad, en ze betalen heel weinig, een intellectuelenfooi. Er staan ook vaak dingen in die in het geheel niet waar zijn. Toen ik uit dienst uit Indië terugkwam heb ik een paar jaar bij dat blad gewerkt, maar het individu werd er verstikt. Ik kon mijn eigen niet ontplooien

Rechtstreeks antwoorden doet Reve nog steeds niet. Als Boudewijn antwoordt:

Ik kreeg reeds een brief van een hysterieke dame die meende dat ik de Stille Vriend zou zijn. Gelul, natuurlijk, ik ben een Luidruchtige Vriend

dan reageert Reve niet, maar hij stelt later wel:

Wist je dat die 'Hansje" in [De Stille Vriend] een portret van jou is? Ontzaglijk veel ruggemerg heeft die passage mij gekost

Nu, ik omhels je, op mijn leeftijd kan je niet al te kieskeurig meer zijn

Behalve sex en religie komt ook het koningshuis aan bod:

Hoe is die verzoening tussen ons tot standgekomen, waarom niet eerlijk den volle kond gedaan dat hier in H.M. de Koningin op even discrete als effectieve wijze bemiddeld heeft

Boudewijn Büch: Je schrijft over Onze Grote Verzoening. En terecht! Ik heb buitengewoon geleden onder affaire waar ik verder geen woorden meer over wil schrijven doch kwijt wil dat het ene zaak was tussen Pers en Ons. Niet tussen jou en mij

Opzienbarend wordt het als blijkt dat Reve Büch in 1984 al heeft ingeschakeld voor de verkoop van De Avonden, dat pas in 1996 op de veiling zou komen. Boudewijn blijft als 'commissionair' steken op een bedrag van 25.000 gulden

en ik weet zelfs niet of dat lukt. Voor deze vijfentwintigduizend gulden wil ik mij sterk maken. Al was het alleen maar omdat ik het belangrijk vind dat het Meesterwerk in een officiële instantie in Nederland blijft. Of vinden jij en Joop dat te weinig? Meer zit er niet in (neergaande economie en zo ...) Persoonlijk zoud ik je wel een Ton willen geven maar dat geld heb ik niet

Hoewel Reve nog wel een nieuwe brief aankondigt in zijn laatste vrolijke antwoord op dit voorstel, zou alleen Büch een aantal maanden later nog een poging doen het contact te herstellen, vergeefs ... Een nieuwe publicatie in HP/De Tijd zwengelt de verontwaardiging over politiek incorrecte uitspraken van Reve weer aan en de kwalificatie 'fascist' die Büch naar zijn zeggen in de mond gelegd krijgt, bezegelt de breuk. Daar doet Boudewijns laatste brief niets meer af. Boudewijns bibliofiel uitgegeven verslag van een bezoek aan Joop en Gerard - de publicatie Een decembervertelling - doet de deur definitief dicht

*In een van zijn Revegedichten formuleert Büch deze opvolgingsgedachte als volgt: "Als hij klaar was zou ik komen"

In de pers:"In de in totaal 25 brieven en twee briefkaarten maken beide auteurs meer dan eens gewag van hun voorliefde voor jonge jongens, waarbij, zo blijkt, in Leiden kon worden volstaan met een lekker ijsje, terwijl in Amsterdam - altijd al een dure stad - al gauw een walkman op tafel moest komen om de beoogde jongeling in te palmen. Met regelmaat neemt Büch de literaire stijl van Reve over: 'De laatste maanden lees ik nog al eens in mijn dagboeken. Omdat ik mijn biografieke roman De kleine blonde dood moet voltooien. Aardig is om te zien hoe ik over jouw werken schrijf in 1964. Men zou kunnen zeggen dat ik toen Verliefd op je was. Maar ik was zestien jaar en had puisten.' Aan de correspondentie ontbreekt één prentbriefkaart van Büch. De nieuwe eigenaar hoeft niet ver te zoeken om de collectie compleet te krijgen, want deze kaart is op de beurs in de RAI te koop bij - ja, wie anders? - Eric Schneyderberg, antiquaar en vele jaren vertrouwenspersoon van Boudewijn Büch" (De Volkskrant, 21 maart 2003).

Notes: Wat een correspondentie! Is het vanuit antiquarisch oogpunt reeds een grote genade hier de briefwisseling van de twee meest verzamelde auteurs van Nederland aan te bieden, het geluk wordt compleet als blijkt tot welke hoogten hun epistolair contact beide grootmeesters van de taal heeft gebracht. Vrijwel alle brieven zijn onweerstaanbaar geestig, verrassend openhartig en getuigen van de kennelijke opzet om de collega ook stilistisch te verbluffen. Hoewel meligheid en kitsch Reve soms langs de afgrond voeren en Büch zich aanvankelijk vooral lijkt te bedienen van archaïserende of anderszins door voorgangers gemunte formuleringen overwint bij beiden hun talent, hun meesterschap en hun humor. Even historisch als hilarisch.

Provenance: De brieven van Reve aan Boudewijn Büch werden in 1994 door De Slegte op de markt gebracht en verbleven sindsdien in particulier bezit. De brieven van Büch werden door Joop Schafthuizen mogelijk in 1985 voor het eerst aangeboden en in 1989 - via een tussenpersoon - aan dezelfde verzamelaar verkocht. In 2003 kwam Antiquariaat AioloZ via Barend & Van Dorp (http://www.barendenvandorp.nl/uitzendingen/uitzending-19-03-2003) naar buiten met het nieuws dat deze brieven voor het eerst tezamen te koop zouden zijn. 'Rasverkoper' Piet van Winden deed zijn reputatie eer aan door de bijzondere collectie 'bij de bitterballen" na de uitzending aan Frits Barend, Henk van Dorp, Jan Mulder en Diederik van Vleuten te verkopen. Het viertal besloot tot deze opmerkelijke charge om er zeker van te zijn dat de correspondentie behouden zou blijven. Als leden van de Werkgroep Boudewijn Büch Biografie achten zij nu het moment gekomen om die zorg over te dragen en daarmee de biografie naar de eindstreep te helpen.

Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)
 
Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)
 
Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)
Lot title
$0 (starting bid)